Thomas van Groningen: ‘Vrije dagen vind ik vreselijk’

Thomas van Groningen (35) is de André Rieu van de vaderlandse politiek: hij brengt Den Haag begrijpelijk naar de doorsnee-wijken van Nederland. Maar bovenal is de presentator annex politiek duider zichzelf. ‘Bij de publieke omroep kijken ze neer op hun publiek.’

Thomas van Groningen: ‘Vrije dagen vind ik vreselijk’

Is het wel leuk in Den Haag? Al dat gezeik, elke week weer een fittie ergens, dan weer een crisis erbij... Lijkt wel een kleuterklas.
‘Je moet het in perspectief zien. Als je nu in een tijdmachine terugstapt naar de vorige eeuw dan zal je zeggen: jezus wat was er hoop gezeik in de jaren 90, en wat was er allemaal aan de hand in de jaren 80 met die kernwapenwedloop en Koude Oorlog? Het is van alle tijden om te denken: zo erg als nu was het nog nooit. Natuurlijk is er heel wat aan de hand, maar ik heb het idee dat dit nooit anders is.’

Bestel de laatste editie

De rollen zijn vandaag omgedraaid: vind je het leuk om zelf geïnterviewd te worden?
‘Eerlijk? Het is niet mijn hobby. Je weet namelijk, zeker als het uitgeschreven wordt, nooit zo goed hoe het overkomt op andere mensen, dat wat je zegt. Op tv wel, want dan zie je dat ik erbij glimlach of een knipoog geef. Overigens word ik sowieso niet graag geïnterviewd, ook niet op tv. Ja, gaat het over mijn werk, de politiek of de actualiteit, dan praat ik makkelijk een uur weg. Maar als het over mezelf gaat, wordt het ongemakkelijk.’

(...)

Je zei eerder in dit gesprek dat het eigenlijk niet veel voorstelt wat je doet. Terwijl het best knap is, politiek begrijpelijk voor het voetlicht brengen. André Rieu maakte klassieke muziek toegankelijk, jij doet dat met Den Haag.
‘Dat is zonder meer een groot compliment, maar weet je? Ik zat op een gegeven moment bij Café Kockelmann, en ik vind Sven geweldig. Maar in dat programma voelde ik me een leraar Frans die aan een Fransman ging uitleggen hoe je baguette spelt, dat slaat natuurlijk nergens op. Mensen die naar dat programma kijken, volgen de politiek al geruime tijd, misschien weten ze er meer van dan ik. Het is veel leuker om bij VI de zaken te duiden. Daarmee zeg ik niet dat die mensen dom zijn of ongeïnteresseerd, helemaal niet, maar dat zijn mensen die de hele dag druk zijn met andere dingen en die kijken ’s avonds tv en willen ook weten hoe het nou met die politiek zit. Het is mijn taak om deze mensen goed te informeren. Niet met meningen, maar met feiten en een deugdelijk verslag.’

Belangrijk hoor, je doelgroep kennen.
‘Dat vind ik dus ook. Ik merkte weleens bij de publieke omroep, waar ik eerst werkte, dat ze daar heel anders mee omgingen. Dan werd dit onderwerp ter sprake gebracht, dat we het wel toegankelijk moesten houden voor mensen die niet de hele dag met politiek bezig zijn. Dan werd daar weleens badinerend over gedaan. Zo van: o, je wil meer doen voor de domme lui? Nou, dan moeten die zich maar wat beter inlezen. Er werd letterlijk gezegd: dan moeten die mensen maar beter hun best doen om het te kunnen volgen. Dan denk ik: dat is echt op mensen neerkijken.’

Is dit de reden dat je daar weg bent?
‘Nee, maar ik merk wel bij SBS, en dat vind ik een grote pre, dat er heel erg nagedacht wordt over de vraag: wie zijn onze kijkers, hoe ziet het leven eruit van deze mensen en hoe passen onze programma’s daarin? Bij de NPO denken ze: welke programma’s willen wíj maken en dan zien we later wel of er mensen naar willen kijken. SBS zegt: we maken tv voor deze groep, wat willen ze zien en hoe willen ze geïnformeerd worden? Daarom vind ik Hart van Nederland journalistiek een heel goed programma, want dat doet verslag van heel veel dingen waar andere media geen verslag van doen. Het is namelijk regionaal, dicht bij de mensen en tegelijkertijd ­ zitten er politieke items in waardoor je wel een heel goed beeld krijgt hoe de politiek omgaat met onderwerpen die jou persoonlijk aangaan. Als het voor de zoveelste keer gaat over de geopolitieke ver-weg-van-mijn-bedshow in andere programma’s, ja, dan snap ik wel dat mensen dat niet willen kijken.’

Je koos dus niet puur voor het geld.
‘Nee, en dat klopt feitelijk ook niet. Ik verdiende best goed bij de publieke omroep en ik moet bij SBS meer uren maken, veel meer, voor praktisch hetzelfde salaris. Een van de hoofdredenen om naar Talpa te gaan was het feit dat ik bij de NPO niet veel te doen kreeg. Ik deed één keer in de week Café Kockelmann, de andere dagen waren leeg. En als ik ’s ochtends opsta, dan moet er wat op de agenda staan. Ik ben niet goed in een vrije dag hebben. Dat kan ik echt niet. Met die kleine is het nu wel anders, maar toen we nog geen baby hadden, wist ik van ellende niet wat ik moest doen. Op de bank liggen is ook niks voor mij, daar word ik heel ongelukkig van. Dan voelde zo’n vrije dag als spijbelen. Ik krijg er een onrustig gevoel van, ik moet de deur uit, ergens zijn. Ik maak ook altijd plannetjes, daar worden ze thuis ook wel gek van. Dan zegt mijn vriendin: “Kunnen we niet gewoon een keer een vrij weekend hebben?”’

Ben je een workaholic?
‘Nee, dat is het niet, als je je werk leuk vindt, voelt werk niet als werk, en ik ben echt met dat gevoel gezegend. Mijn werk is gewoon vermaak en plezier en ik zie het ook wel als een handicap dat ik nooit kan ontspannen als ik niks te doen heb. Vroeger zeiden bazen in drukke tijden weleens: doe jij maar even rustig aan, neem maar een dagje vrij. Ja, maar wat moet ik doen dan?’

Lees het gehele interview met Thomas van Groningen in de Playboy van deze maand. Te koop in de kiosk of online.
Interviews