Van de vrouw wier keuken ik afkraakte in een recensie, ontvang ik een uitnodiging voor haar nieuwe Bed & Breakfast. Op Madeira. ‘Schrijven over koken is misschien moeilijk,’ schrijft ze, ‘maar koken zelf is nog veel moeilijker. Kom het maar proberen.’ Ik had het als een anekdote aan mijn hoofdredacteur verteld – bij de koffie, om hem aan het lachen te krijgen – maar hij vond het wel een goed idee. En voor ik het wist hing hij met haar aan de lijn om het te regelen. En of ik me een beetje in wilde houden, vroeg hij, want het zou wel zo leuk zijn als ik op mijn negatieve recensie terug zou komen. Ik weet niet eens meer precies wat ik toen geschreven heb. Iets over slappe smaken en slappe tieten, geloof ik. Maar goed. Wat moet, dat moet. En de gedachte om te ontsnappen aan de opgefokte drukte van de meivakantie en het rennen voor een tafeltje op een terras in Amsterdam, heeft iets verleidelijks.
Eenmaal in het vliegtuig, besluit ik om deze week te framen als een retraite. En wanneer ik land op het prachtige eiland voelt het ook zo. De villa ligt tegen een helling en heeft deuren met houten luiken die aan alle kanten open slaan naar terrassen met tuinsets en kleurrijke kussens. Een vrolijke buurvrouw begroet me terwijl ik haar flinke jopen (los in het nachthemd) probeer te negeren. De vijf andere deelnemers zitten al aan de wijn. Achterin de tuin schoffelt een jongen de aarde rondom een rozenstruik. De zon schijnt fel op zijn bruine huid. Zijn tuinbroek is bij de knieën afgeknipt. Zijn dreads zitten met een elastiek naar achteren gebonden. De spieren van zijn… Nee Flo! spreek ik mezelf toe. Laat je nou eens een keer niet afleiden!
Ik hou van koken. Of nee: ik hou van het idee dat ik goed kan koken. Maar dat idee is hier binnen een dag verdampt. Esther – de vrouw in kwestie – duldt geen twijfel, geen slordigheid, geen ironie. Ze leert me tomaten, basilicum en aubergines snijden, vlees wassen, focaccia’s bakken. We maken gebraden duif, meloengelei met citroenbladeren en jasmijn, gestoofde kip met pepers, pasta met kippenlevertjes. Ik leer pasta al dente koken, vlees marineren, vis grillen. Dressing maken, hoe je je vlees mals krijgt, hoe de smaken zich het beste verspreiden. Heel af en toe tikt ze me op mijn vingers, verplaatst ze mijn mes, of draait ze mijn pols een paar graden bij. Ik kom volledig tot rust. Geen drukke stad. Geen laptop. Geen telefoon.
I have a boat
Op de een-na-laatste ochtend, als ik net met mijn handen in een bak met gehakt sta te kneden, komt de jongen van de tuin binnen. Zijn handen zitten onder de aarde. Zijn torso is bezweet. Een gesp van zijn tuinbroek hangt los. Ik wil mijn blik afwenden, me focussen op de gehaktballen, maar hoe hard ik het ook probeer, het lukt niet.
‘Hi, I’m James, Esther’s son.’ Zijn stem is laag en kalm. Hij knikt naar het aanrecht. ‘Make sure you put rosemary on those aubergines.’
Ik doe wat hij zegt en vraag zo nonchalant mogelijk of hij hier ook woont.
‘Only during the season. My dad lives in Ghana, they raised me in London.’
Mijn beeld van Esther was deze week al behoorlijk bijgedraaid, maar nu kan ze helemaal niets meer fout doen: dit is namelijk een van de mooiste jongens die ik ooit heb gezien. Strakke kaaklijn, rechte neus, lange wimpers. Bruine huid. Donkerbruine ogen. Zwarte dreads tot over zijn schouder. En dan die armen. Perfect gevormd. Niet breed van de sportschool, maar breed van hard werken. Ik wil niet te veel naar hem kijken, maar dat is onmogelijk. Ik weet dat ik mezelf had beloofd om me niet te laten afleiden, maar dat gaat gewoon niet. Hij leunt tegen het aanrecht, kijkt naar mijn handen in het gehakt. Ik voel mezelf nat worden. Hij ziet het.
‘They’re done,’ zegt hij.
Ik trek mijn handen uit de bak.
‘Do you like roses?’ vraagt hij. ‘Or the sea? I have a boat.’
Het idee om even weg te zijn uit de keuken en het water te zien, lijkt me heerlijk. En dus vertrekken we – met goedkeuring van Esther – een uurtje later naar de zee.
Mijn benen trillen
Ik ben heel even bang dat hij wil gaan roeien in zo’n houten schuit, maar tot mijn genoegen gaan we op een ruime speedboot. Zijn T-shirt doet hij direct uit. Een dun reepje zwart haar loopt van zijn sixpack richting zijn zwembroek. Vol gas gaan we over het water en als we midden op zee zijn, gaan we samen voor op het dek liggen. Ik trek mijn bikinitopje uit en draai me op mijn rug. Ik voel zijn ogen over mijn lichaam gaan. Over mijn borsten, mijn buik. Hij legt zijn hand voorzichtig op mijn schouder en als ik mijn ogen open, beginnen we te zoenen. Zijn volle lippen passen precies op de mijne. Hij komt bovenop me liggen. Zijn handen gaan door mijn haren. Hij kreunt en drukt zijn stijve tegen me aan. Terwijl we blijven zoenen trekken we allebei onze zwembroek uit. Hij kust me van mijn mond naar mijn kutje. Ik sluit mijn ogen en hij beft hij me totdat mijn benen beginnen te trillen.
Ik begin harder te kreunen, maar vlak voordat ik ga klaarkomen, draait hij me om. Ineens kijk ik niet meer naar hem, maar naar de zee. Ik word extra geil van het idee dat mensen ons kunnen zien. Naakt, neukend, op het dek van deze geile speedboot. Ik hoor hem op zijn hand spugen. En voel hoe open en nat ik ben. Hij aait mijn billen en ik hap naar adem. Ik wil zo graag dat hij me neukt. Ik steek mijn kontje in de lucht en eindelijk laat hij zijn harde pik diep in me verdwijnen.
‘Fuck, you are so big…’
‘Sssst…’ doet hij en ik voel hoe ik strakker om hem heen trek. Er is geen ruimte meer en ik hoor hem ook kreunen. Ik wil hem nog dieper in me voelen en duw mijn billen nog meer omhoog. Dan legt hij van achteren zijn hand op mijn clitje. Ik begin te kreunen. ‘Ahhhh... yessss… please…’ Hij stoot steeds harder en dieper, terwijl hij met zijn hand over mijn clitje gaat. Met zijn andere vrije hand pakt hij ruw mijn haren vast. Ik schreeuw het uit. En hij ook.
Terug in de villa is er geen tijd om na te denken. Er moet gekookt worden. Esther maakte geen grapje toen ze zei dat het hele dorp kwam eten. Het lijkt wel die verdomde Bertolli-reclame. En terwijl de zon heel langzaam ondergaat en de eerste mensen plaatsnemen, komt er een gouden tint over de lange tafel. Esther lacht goedkeurend naar me. James geeft me een knipoog. En ik? Ik ben gelukkig. Misschien moet ik minder zuur zijn en ook een bed en breakfast op Madeira beginnen? Thuis schrijf ik een mooie recensie. Over hoe geweldig het was, en dat Esther bij nader inzien toch een vakvrouw is. En ik meen het nog ook.
Al is het lekkerste wat ze ooit gemaakt heeft natuurlijk haar zoon…
Florence van de Haar (1993) is part-time schrijver en full-time lekker wijf. In 2024 maakte ze indruk met haar debuutroman Mooier als ik lach. Later dit jaar verschijnt haar tweede roman. Meer erotische verhalen van Florence lees je hierrrr.