Anna, je staat in de Playboy!
‘Jaaa, te gek! Wie wil dit nou niet?! Echt een life goal. Ik vond het altijd al leuk om op vakantie in van die antiekwinkeltjes oude Playboys te kopen en te zien en te lezen hoe er door de tijd heen naar seksualiteit wordt gekeken. Ik vind het geweldig dat ik – als ik straks tachtig ben – een Playboy heb liggen met foto’s van mezelf erin. En ik denk dat er ook wel een paar, groot uitgeprint, thuis aan de muur komen hangen, haha! De shoot was heel spannend, gelukkig ben ik naakt wel op m’n gemak. Voor mij is naakt zijn niet per se gerelateerd aan sex, eerder aan vrijheid.’
Seksualiteit is wel een groot onderdeel van je werk…
‘En van mijn leven! Maar seksualiteit gaat niet alleen over sex hebben, het gaat ook over denken in mogelijkheden, contact maken, communiceren, over je gezien voelen. Alles wat ik leer, pas ik toe in mijn persoonlijke leven en andersom.’
Zoals?
‘Toen ik studeerde, leerde ik pas voor het eerst over de clitoris, van hoogleraar seksuologie Ellen Laan. Toen was ik al 22 en had ik al zeker 4,5 jaar sex met anderen! Ik dacht: huh? Gaat dit over mijn lichaam? Hoe kan het nou dat ik niet weet hoe dit werkt? Dat ik niet weet dat ik een clitoraal complex heb, hoe ik nat wordt, dat ik ook erecties krijg. Daar ben ik me in gaan verdiepen. Maar ook bijvoorbeeld toen ik leerde over de orgasmekloof – dat mannen bij heterosex veel vaker klaarkomen dan vrouwen. Toen ik dat hoorde, dacht ik meteen: dat gaat mij tussen de lakens dus niet meer gebeuren. Practice what you preach.’
Hoe kijk jij naar zin in sex?
‘We weten dat libido niet bestaat: spontane zin is onzin. Zin in sex ontstaat altijd door iets: een gedachte, aanraking of beeld. Het werkt net als alle andere emoties. Je wordt ook niet zomaar boos, daar gaat iets aan vooraf. Wij krijgen dagelijks 40 tot 70 keer een seksuele prikkel – mannen, vrouwen, alle genders die je kan verzinnen – maar meestal doen we er niets mee omdat het niet past in de context. Binnen de seksuologie geldt daarom: sex is een prikkel plus context plus communicatie. Pas dan ontstaat er sex.’
Maar er zijn wel mensen die sneller boos worden dan anderen, toch?
‘Zeker! Er zit ook wel een verschil in hoe ontvankelijk je bent voor seksuele prikkels. En dat heeft ook weer te maken met jouw ervaringen met sex. Want op basis van eerdere seksuele ervaringen bepaalt jouw brein: verwacht ik dat dit leuk gaat worden? Als het antwoord ‘ja’ is, ga je makkelijker aan. Daarom is het belangrijk om altijd te stoppen als je het niet leuk vindt. En dat is een nadeel dat veel heterovrouwen hebben. Als je kijkt naar de cijfers, hebben vrouwen bedroevend veel slechte sex. Eén op de tien vrouwen heeft altijd pijn bij penetratie-sex, 1 op de 5 regelmatig. Erg, toch?’
Het is dus niet zo dat vrouwen over het algemeen minder zin hebben in sex?
‘Het probleem zit ’m in dat veel mannen, of mensen, denken dat hun vrouw of vriendin minder zin heeft in sex. Maar ze heeft wel zin, alleen geen zin in de sex die ze met jou heeft. Niet in die saaie of pijnlijke sex. Ik vergelijk het wel eens met naar een slecht restaurant gaan. Stel je gaat uiteten, het eten is ruk en je hebt dagen lang een voedselvergiftiging. Dan ga je toch niet nog een keer naar dat restaurant? Maar met sex doen vrouwen dat wel. Ze blijven gaan. Ook als het slecht, saai, pijnlijk of simpelweg teleurstellend is.
Maar nee, er is geen fundamenteel verschil in de biologische capaciteit voor seksueel genot tussen mannen en vrouwen. Alle lichamen reageren even snel – in fracties van seconden – op seksuele prikkels. Het verschil zit ergens anders: in hoe we er maatschappelijk naar kijken. Vrouwen worden vaak niet gezien als volwaardige seksuele wezens, niet als mensen met een eigen verlangen.’
Hoe neem je deze kennis mee in je werk?
‘Ik werk met onderwijs-, opvoed-, en zorgprofessionals. En soms ook met de zakelijke sector, bijvoorbeeld bij makers van sexspeeltjes. Een deel van mijn werk is seksuele opvoeding, en dat gaat net zo goed over een bredere vraag: hoe gaan we als maatschappij om met sex? Je hebt kennis nodig over hoe sex voor jóu werkt, maar ook de boodschap dat jouw seksuele plezier ertoe doet. De vagina bijvoorbeeld, die is ontworpen als een baringskanaal en niet erg gevoelig. Dus alleen met je pik daarin heen en weer gaan, daar komen de meeste vrouwen niet van klaar…’
Hoe lossen we dat op?
‘Door de aandacht te verplaatsen naar de clitoris. De penis en de clitoris zijn eigenlijk hetzelfde, maar bij vrouwen zit het aan de binnenkant en bij mannen aan de buitenkant. En ze werken ook hetzelfde. Bij opwinding stroomt er bloed naar het clitoraal complex, door die druk wordt de vagina vochtig en ontstaan er twee stootkussentjes die de vagina en de plasbuis beschermen bij penetratie. En als de vrouw opgewonden genoeg is, kun je met je penis via de vagina, de achterkant en zijkant van de clitoris raken – de G-spot is overigens ook gewoon de achterkant van de clitoris – en dan is penis-in-vagina-sex heel lekker. Maar de focus op penetratie, daar verzet ik me tegen. Niet omdat ik er zelf niet van houd, integendeel. Ik ben persoonlijk groot fan van penetratiesex, maar ik zie gewoon dat veel vrouwen daar in de praktijk het onderspit in delven. Dat ze er niet echt van genieten, maar wel doorgaan. En dan krijg je sex die eigenlijk onbevredigend is. Penetratie alleen zorgt nauwelijks voor genot. Daarom zeg ik: verleg die focus. Sex kan zoveel meer zijn dan dat. Neem de tijd, ga eens heel lekker lang vingeren of beffen en zorg bijvoorbeeld eens dat alleen zij klaarkomt en jij niet. Dan trekken we meteen die orgasmekloof een beetje recht…’
Persoonlijk ben ik groot fan van penetratiesex, maar ik zie gewoon dat veel vrouwen daar in de praktijk het onderspit in delven
Waarom weten we zo weinig over vrouwelijk genot?
‘De clitoris wordt sinds 2021 pas volledig afgebeeld in de Nederlandse biologieboeken, terwijl die 400 jaar geleden al in kaart werd gebracht door arts Reinier de Graaf. Maar nog steeds leggen we niet uit hoe vrouwelijke opwinding fysiek werkt. Dit gebrek aan kennis stopt niet bij het middelbaar onderwijs. Het loopt door in mbo-, hbo- en wo-opleidingen, en zelfs in de medische wereld. Er zijn zorgprofessionals die simpelweg niet goed weten hoe het vrouwenlichaam functioneert, ook omdat er veel te weinig onderzoek naar is gedaan. Terwijl dat gewoon basiskennis moet zijn. En het wordt nog schrijnender als je kijkt naar hoe recent sommige ontwikkelingen zijn. Laatst is voor het eerst MRI-onderzoek gedaan naar de clitoris in rust en erectie, we wachten nog op de resultaten. Dat is in 2026! Pas sinds 2022 weten we dat het belangrijkste genotsorgaan van de vrouw, de clitoris, meer dan 10.000 (een penis heeft er circa 4000) zenuwuiteinden heeft en dus supergevoelig is – tot dan werden dat aantal geschat op basis van onderzoek op vee. Vrouwen zijn immers net koeien. Het laat iets pijnlijks zien: we zijn als mensheid naar de maan gegaan, maar als het gaat om vrouwengezondheid lopen we enorm achter. Door de clitoris niet of nauwelijks te benoemen in onderwijs en gesprekken, geef je impliciet een boodschap af: jouw plezier doet er niet toe.’
Heb je een verklaring waarom we in Nederland zo achterlopen?
‘Ik denk dat het calvinistische en christelijke gedachtegoed nog steeds diep in onze samenleving zit. Het idee dat sex er in de eerste plaats is voor voortplanting. Terwijl uit onderzoek blijkt dat sex in veruit de meeste gevallen niet om voortplanting draait. In zeg maar 99 van de 100 keer, gaat het om plezier, verbinding, intimiteit. Het gevoel dat je samen bent met iemand. Of gewoon omdat het lekker is. Maar een enkele keer is om zwanger te raken, tenzij je daar specifiek op gericht bent, natuurlijk.’
Voor betere sex, moeten we er dus over praten?
‘Ja! Want sex is overal zichtbaar; op billboards, in reclames, films, literatuur, maar zelden bespreekbaar op een eerlijke manier. Wanneer heb je nou écht een gesprek over sex? Van hoeveel vrienden weet jij wat hun seksuele fantasieën zijn? Hoe ze masturberen, waar ze aan denken, wat hun favoriete standje is, of op welk moment van de dag ze daar zin in hebben? Door niet concreet met elkaar over sex te praten, houden we ook mythes in stand. Zoals dat idee dat het ‘normaal’ is om twee tot drie keer per week sex te hebben. Dat cijfer komt uit een oude, slecht uitgevoerde enquête uit de jaren zeventig! Beter communiceren kan ook bijdragen aan een eerlijkere relatie.’
Denk je dat mensen minder vreemdgaan als ze beter communiceren over sex?
‘Als je eerlijk durft te zeggen: hier fantaseer ik weleens over, of dit zijn eigenlijk wensen die ik heb, of dit lijkt me spannend om te proberen… en de ander reageert niet met jaloezie, angst of gekwetstheid, maar met nieuwsgierigheid – ‘vertel eens’ – dan blijf je in contact. Dan blijf je samen ontdekken hoe breed en veranderlijk seksualiteit kan zijn. Vreemdgaan is voor mij: niet eerlijk kunnen communiceren over je verlangens. Daarom ben ik er ook enthousiast over dat non-monogamie zoveel terrein wint.’
Neem de tijd, ga eens heel lekker lang vingeren of beffen en zorg eens dat alleen zij klaarkomt en jij niet
Mensen zeggen weleens: dan was het thuis zeker niet goed genoeg…
‘Maar het is veel complexer, het gaat lang niet altijd over de partner die er is. Weet je wat ik fascinerend vind? Ik heb vriendinnen met wie ik graag op wandelvakantie ga en vriendinnen met wie ik graag naar de kroeg ga. Waarom moet je dan wel alles in één partner vinden? Monogamie is in Nederland de norm. Historisch gezien is het ontstaan op het moment dat bezit een rol ging spelen, dat duidelijk moest zijn van wie welke kinderen waren, zodat erfenissen verdeeld konden worden. Het is een maatschappelijk construct. Dat betekent niet dat monogamie niet kan werken, maar het zou een bewuste keuze moeten zijn. Iets waar je het samen over hebt en dat je dat niet ziet als iets vaststaands. Want seksualiteit ontwikkelt zich je hele leven. Wat je nu wilt, kan over een paar jaar veranderen. Je leert nieuwe dingen, je kijkt films, je voert gesprekken, je komt tot voortschrijdend inzicht. Grote levensgebeurtenissen zoals het krijgen van kinderen kunnen je verlangens ook veranderen. Ik denk dat als mensen het vanuit nieuwsgierigheid zouden bekijken, we ook veel minder zouden vreemdgaan. Omdat je dan gewoon in vertrouwen kan zeggen: ik zou dat gewoon weleens willen proberen, want ik ben benieuwd hoe dat voor mij is.’
Wat wil jij graag bereiken binnen je werk?
‘Over makkelijker praten over sex gesproken… daar wil ik nog wel een keer een podcast over maken! En op dit moment werk ik ook aan een boek met de werktitel: Vrouwen krijgen ook erecties. Over het algemeen zou ik het echt geweldig vinden als mensen zich vrijer zouden voelen in hun eigen verlangens en fantasieën. Schaamte speelt nog steeds een grote rol, en dat is één van de grootste obstakels voor seksueel plezier. Door hoe wij er als maatschappij mee omgaan.’
Ben je hoopvol voor de toekomst?
‘Dubbel. Enerzijds zie je wat er nu in Amerika gebeurt met de anti-abortusbeweging… Het willen controleren van vrouwen, hun lichamen, zit heel diep, ook als het gaat om sex. En als je aan de andere kant kijkt naar emancipatie, feminisme en vooruitgang, gaat het goed. Sinds maart van dit jaar is er in Nederland een website waar je een abortuspil kunt bestellen tot negen weken zwangerschap. Dat is echt fantastisch. Voorheen moest je eerst in gesprek met een arts. Alsof vrouwen niet zelf kunnen beslissen? Het is echt goed om je bij veel dingen af te vragen: als het over mannen zou gaan, zouden we dat dan ook zeggen?’
Meer foto’s zien van Anna Marah Jansen? Koop ons juni-nummer, met naast Anna onder meer Nathalie den Dekker, Theo Janssen, Cor Pot en Virgil van DIjk.